|
Voertuig en Motor
|
Moet een straat
toegelaten auto of truck zijn met een geldig kenteken en APK keuring.Ieder voertuig dat deelneemt
moet in een "streettrim"
conditie zijn.
Dit houdt in dat het voertuig er in grote lijnen netjes en verzorgt uitziet,
zoals deze destijds aangeboden is bij de rijksdienst voor wegverkeer.
Het interieur dient compleet te zijn, bij voorkeur met origineel dashboard.
Bij verwijdering van dashboard en/of deurpanelen, tapijt of bank moet geheel
deugdelijke afgescherming hebben tegen scherpe en
uitstekende delen.
Snelheidsmeter en voorraam ontwaseming verplicht.
Ieder voertuig moet aan de volgende grondspeling voldoen. Een minimum
grondspeling van 50mm is van toepassing op de voorkant van de auto tot
en met 30cm na het hart van de vooras. De rest van
de auto mag een grondspeling hebben van minder dan 50mm. Alle auto’s moeten
zelfstandig gestart worden. Aanduwen is niet toegestaan.
|
|
Uitlaat
|
Moet gas dicht zijn,
beschikken over werkende dempers en aan de wettelijke geluidseisen van 98db voldoen. uitlaten dienen deugdelijk onder de auto
gemonteerd te zijn, het syteem dient compleet te
zijn en rond het achterwiel buiten het voertruig te
eindigen. OSL Racing staat voor het recht om te racen met straat voertuigen,
daarom moet iedere deelnemer aan OSL races zich neerleggen bij lokale
geluidsnormen die kunnen gelden op bepaalde race circuits.
|
|
Banden en wielen
|
Straat toegelaten
banden met een geldig E-keurmerk voor D/SL en C/SL voor en achter, en E- of D.O.T. keurmerk voor B/SL en A/SL. Banden zullen worden geïnspecteerd op algehele
conditie en moeten bij aanvang evenement voorzien zijn van minimaal 2mm
profieldiepte met uitzondering van Dragradials
goedgekeurd door OSL tech inspection.
Het is niet toegestaan om met een thuiskomertje aan de race deel te nemen.
Banden mogen zich niet meer dan 30mm buiten de carrosserie bevinden.
SLICKS zijn niet toegestaan in
A/B/C/D SL.
In geval van nat weer wordt er middels een rode vlag aangegeven dat
B/SL en A/SL niet met een DRAG Radial mag rijden.
Wielen: Alle wiel
moeren of bouten moeten aanwezig zijn en deugdelijk vast zitten, wieldoppen
moeten kunnen worden verwijderd om dit te controleren.
|
|
Leidingen
|
Alle brandstof,
transmissie, rem en stuurbekrachtiging leidingen dienen goed vast te zitten
en lek vrij te zijn. Hierbij is het niet toegestaan om ty-raps
te gebruiken. Leidingen die niet origineel zijn dienen gemaakt te zijn van
staal of kunststof met gevlochten stalen buitenmantel. Brandstof leidingen
mogen niet in de cardan tunnel worden aangebracht.
|
|
Radiateur
|
Een radiateur overstroom canister is verplicht
voor alle voertuigen. De maat van het overstroom canister
moet minimaal 500ml zijn en het overstroom canister
moet deugdelijk gemonteerd zijn.
|
|
Rijder en crew
|
Moet in het bezit zijn van een geldig rij/kentekenbewijs van het voertuig.
Het is de rijder en de crew niet toegestaan om met korte broek, Tank-top, t-shirt, blote benen of ontbloot bovenlijf de race track te betreden. Rijder en crew dienen een deugdelijke spijkerbroek en een shirt met lange mouwen te dragen ook in de line-up. Nylon kleding is niet geschikt om te racen.
Ieder team wordt aangeraden ervoor te zorgen dat het voertuig presenteerbaar uitziet.
Een speciale brandwerende jas is verplicht wanneer de auto sneller rijd dan 11,49 sec. op de ¼. Deze jas moet voldoen aan SFI spec 3.2A/1 of vergelijkbare FIA standaard.
|
|
Helm
|
Verplicht. Helmen dienen minimaal
te voldoen aan het CE keurmerk b.v. E4, aanbevolen zijn de Snell 20xx of SFI keurmerken. Het vizier dient helder te
zijn, donkere vizieren zijn niet toegestaan en dienen te zijn verwijdert van
de helm.
|
|
Stoelen en
veiligheidsgordels
|
Stoelen moeten degelijk
aan de vloer of rails vast zitten met minimaal 4 bouten en moerener dienen 2 stoelen in het voertuig te zitten.
Wanneer een auto door de gereden tijd verplicht is om een rolkooi of rolbar te
monteren dan gelden er speciale bevestigingseisen voor de stoelen. Het frame
van de rugleuning van de stoel dient in dit geval bevestigd te worden aan het
kruis van de rolkooi of –bar achter de rugleuning van de stoel. Specificaties
zijn aan te vragen bij DHRA tech inspection
Gordels: Alle
voertuigen moeten voorzien zijn van een gordel minimaal een 3 puntsgordel,
deugdelijk bevestigd aan het chassis of de vloer, volgens OEM,
en mogen niet zodanig zijn beschadigt dat de sterkte en werking in gevaar
wordt gebracht. Wanneer sneller dan 11,49 op de ¼ mijl wordt gereden moet
minimaal een 4 puntsgordel die voldoet aan SFI 16.1 gemonteerd zijn. Deze
gordels dienen met bijgeleverde montage brackets
deugdelijk te worden gemonteerd. Montage tekeningen zijn bij DHRA tech inspection opvraagbaar. Wordt een originele stoel
gebruikt dan mag de kruis deel voorlangs de stoel
worden gerouteerd ipv door de stoel. De sluiting
van deze gordels moet in één beweging los gaan.
Behalve de originele oem gordels zijn alle FIA en S.F.I. gekeurde 4, 5 en 6 punts gordels toegestaan.
|
|
Accu
|
Moet volgens OEM
specificaties vast zitten. Wanneer de accu in de kofferbak is geplaatst moet
er een vloeistof dichte bak omheen zitten met een afvoerleiding naar buiten
de carrosserie. De accu mag zich niet
in het rijders compartiment bevinden.tenzij af
fabriek de auto een accu heeft die zich onder de achterbank bevindt. (zoals
BMW, VW Kever en nog een paar Duitse auto's of modellen)
In dien dit het geval is moet de achterbank blijven staan en mag dus niet
tijdens de race worden verwijderd.Ventilatieslang
dient aan de accu bevestigd te zijn en buiten de carrosserie uit te komen. Accu polen dienen te zijn afgeplakt..
|
|
Lachgas
|
Toegestaan mits de fles
voldoet aan de DOT1800 standaard en deugdelijk is gemonteerd. Alle fitting en
leiding werk moeten van dezelfde leverancier zijn en ventilatie hebben buiten
de rijderscabine (Nitro info). Wanneer de lachgas fles in de rijderscabine
of kofferbak is geïnstalleerd moet deze voorzien zijn van een blow-off tube naar buiten de carosserie.
Lachgas intercool systemen toegestaan.
Combinatie Turbo/ supercharger en
lachgas is niet toegestaan.
|
|
Rolbar en rolkooi
|
Een 6-punt rolbar is
verplicht in alle voertuigen die sneller rijden dan 11.49 sec op de ¼ mijl.
De plaatsen op de rolbar waar de helm bij een ongeluk tegenaan kan komen
dienen met een zachte beschermlaag te worden bekleed die minimaal 8,5mm in
gedrukt moet kunnen worden. Tekeningen, maatgeving
en materiaal specificaties van een dergelijke rolbar zijn aan te vragen bij DHRA tech inspection. Cabriolet modellen hebben al een 6 punts rolbar nodig vanaf 13,99 sec. op de ¼ mijl. Cabriolets zijn verplicht met de kap dicht te rijden.
De rolkooi is verplicht
vanaf 10,99 sec. op de ¼ mijl of wanneer een snelheid bereikt wordt die hoger
is dan 226 km/uur. Wanneer de standaard vloer, schutbord en carrosserie van
de auto vanaf het schutbord in takt is en de auto tussen 10,99 en 10,00 sec.
rijdt dan kan men volstaan met een 6 punts rolbar ipv een 6 punts rolkooi.
Ontwerp tekeningen, materiaal specificaties en maatgeving
zijn te verkrijgen bij DHRA tech inspection.
|
|
Chassis
|
Chassis modificaties
zijn toegestaan mits zij voldoen aan de Nederlandse wegen en verkeerswet. De deuren moeten zowel van binnen als van buiten te
openen zijn. De zijruiten hoeven niet te functioneren maar
moeten tijdens een run in de gesloten toestand staan. Beide koplampen en rem/achterlichten dienen
aanwezig te zijn en moeten functioneren. Het is niet toegestaan
om magnesium toe te passen in de vervaardiging van plaatwerk voor de
carrosserie. Het rijders compartiment moet volledig afgesloten zijn van de
motor, versnellingsbak en uitlaat.
|
|
Vliegwiel
|
Alle auto’s die
op de ¼ mijl een tijd rijden die ligt tussen de 11,49 en 10,00 sec. dienen
een vliegwiel schild aan te brengen met een minimale dikte van 6,35mm en dit
dient gemaakt te zijn van staal. Een vliegwielschild met SFI spec. 6.1, 6.2 of 6.3 is ook afdoende. Dit
vliegwielschild dient bevestigd te worden aan chassis en motor met minimaal
M10 bouten klasse 8.8.
|
|
Aandrijflijn
|
Alle auto’s die sneller
rijden dan 13,99 sec. op de ¼ mijl met Slicks en achterwiel aandrijving of
11,49 sec. en sneller met D.O.T of E-keur banden
moeten zijn voorzien van een aandrijfas veiligheids loop die de aandrijf as geheel omsluit. Open aandrijflijnen die de
rijder passeren en niet zijn afgesloten zijn niet toegestaan. Materiaal
specificaties en tekeningen zijn opvraagbaar bij DHRA tech inspection.
|
|
Transmissie
|
Ieder voertuig dat met
een supercharger rijdt moet een transmissie schild
hebben welke voldoet aan SFI spec. 4.1. Dit geldt
ook voor auto’s die met een automatische versnellingsbak sneller rijden dan
10,99 sec. op de ¼ mijl of harder rijden dan 226 km/uur op deze afstand. Voor
iedere auto die met een automatische versnellingsbak rijdt die niet OEM is
moet zijn voorzien van een reverse lockout systeem die voorkomt dat tijdens de run per
ongeluk de achteruit wordt ingeschakeld. Tevens mag de auto niet gestart
kunnen worden wanneer de versnellings bak in
“drive” of “reverse” staat.
|
|
Turbo, G-lader en Supercharger
|
Toegestaan.
Schroef-type superchargers
zijn toegestaan indien OEM. Intercoolers
mogen gekoeld worden door water, ijs en CO2 mits dit niet lekt en het
(smelt)water wordt opgevangen of het inlaat kanaal van de motor ingaat.
Turbomotoren moeten voorzien zijn van een wastegate
die zit aangesloten op de uitlaat of doorloopt naar achter het voertuig.
|
|
Brandstof en brandstoftank
|
Benzine, race benzine,
LPG, diesel zijn toegestaan. Alcohol en Nitromethaan
zijn niet toegestaan. Het gehele brandstof systeem moet zich buiten de
rijderscabine bevinden. Koel
canisters, regelblokken moet minimaal 15 cm voor het vliegwiel
bevinden bij achterwiel aangedreven auto’s en aan de andere kant van de motor
dan waar het vliegwiel zich bevindt bij voorwiel aangedreven auto’s. Wanneer
deze zaken zich standaard niet op deze plaats bevinden is dit toegestaan mits
de auto langzamer is dan 11,49 sec. op de ¼ mijl. Indien er gebruik gemaakt
wordt van een niet OEM mechanische brandstof pomp moet er een manueel
bekrachtigde afsluitklep in de hoofd benzine leiding
(tussen de tank en de injectors/carburateur) zijn opgenomen om deze te kunnen
afsluiten ingeval van een ongeval. Deze bekrachtiging moet binnen handbereik
zijn geplaatst van de rijder. Race benzine mag niet zelf worden vervaardigd.
|
|
Remmen en schokbrekers
|
Een minimum van vier
hydraulisch bekrachtigde remmen is verplicht.
Iedere auto moet zijn
voorzien van 1 goed werkende en goed bevestigde schokbreker per wiel. Ieder
wiel moet ook minimaal 1 veer hebben.
|
|
Koppeling
|
Iedere auto die met een
koppeling rijdt moet deze bedienen met de voet. Hand bediening van de
koppeling die officieel is goedgekeurd en is voorzien van een EU keurmerk is
toegestaan voor gehandicapten. De koppeling in auto’s die sneller zijn dan
11,49 sec. op de ¼ mijl moeten zijn voorzien van een SFI 1.1, 1.2 of 1.4 of
vergelijkbaar FIA keuringslabel.
|
|
Spoilers
|
Spoilers die vast
zitten aan het plaatwerk van de auto zoals kofferbak spoilers, airdams, side skirts etc. zijn
toegestaan. Op hydrauliek bewegende spoilers die
tijdens een run bijgesteld kunnen worden zijn niet toegestaan.
|
|
Racenummers en klasse aanduiding
|
Rijders met een vast
startnummer dienen er rekening mee te houden dat deze aan een minimum maat
gebonden zijn. De startnummers moeten minimaal 15cm hoog zijn en minimaal
3,8cm breed. Klasse aanduidingkarakters moeten minimaal 7,5cm hoog zijn en
minimaal 2,5cm breed. Beiden moeten in een contrasterende kleur worden
uitgevoerd (zwart/wit of blauw /geel etc.). Het gebruik van schoenpoets is
toegestaan mits de bovenstaande maten worden aangehouden.
|
|
Schutbord
|
Iedere auto is
verplicht een schutbord te hebben volgens OEM met een minimale dikte van
0,6mm staalof 0,8mm aluminium en het dient de
motorruimte volledig af te sluiten van het rijders compartiment.
|
|
Vloer
|
Iedere auto moet de OEM
vloerpanelen hebben of OEM reproductie vloerpanelen en mag gelast zijn. Er
mogen zich geen gaten in de vloer bevinden.
|
|
Hood scoop
|
Een luchthapper
of hood scoop is toegestaan mits deze niet meer dan
28cm boven de motorkap uitsteekt en het zicht niet wordt belemmerd.
|
|
Computers, data recorders en telemetrie
apparatuur
|
Het is toegestaan om
gebruik te maken van computers om de auto beter af te stellen.voor
of na een run. De bestuurder mag tijdens een run deze computer niet gebruiken
om bepaalde settings te veranderen.
Data recorders mogen
worden gebruikt om de waarde te bepalen van bepaalde
voertuig parameters. De mogen echter niet worden geactiveerd door het
gaspedaal of de acceleratie van de auto bij een run e.d..
Tevens is het verboden om de tijd real-time aan de
rijder door te geven in iedere denkbare vorm tijdens een run.
Het is een rijder
toegestaan om telemetrie gegevens door te geven aan
een grondstation zoals geluid en video beelden voor het deze uit te zenden op
TV. Dit dient echter 1 week voor de wedstrijd te worden aangevraagd bij OSL
Racing, t.a.v. technical services. Telemetrie communicatie mag niet worden gebruikt om
parameter data te verzamelen of parametersettings te wijzigen.
|
|
Reclame stickers
|
DHRA houdt zich
het recht voor om reclame uitingen, stickers, vlaggen of andere materialen
van deelnemers te reguleren. Een deelnemer kan worden uitgesloten van
deelname aan de race of het evenement wanneer OSL Racing vindt dat deze
uitlatingen, materialen, stickets etc. de race, de sport of de organisatie in
een slecht daglicht stellen.
|
|
|
|